Niet mijn dochter!

Gepubliceerd: 29 oktober 2020

In 2004, ze was net 28 jaar, kreeg mijn dochter een relatie. Voor alle zekerheid vroeg ze hem of hij zich wilde laten testen op soa en hiv. Dus op naar de GGD. Zelf had zij dat vier maanden daarvoor nog laten doen, dus volgens haar was ze oké. Maar haar vriend wilde dat ook zij zich voor alle zekerheid zou laten testen. Dus dat deed ze.

Terwijl ze op de gang zat te wachten, in afwachting van de uitslag, zag ze enkele verpleegkundigen met elkaar overleggen en bezorgt haar richting opkijken. Toen al voelde ze dat er iets mis was.
Een van de dames kwam naar haar toe en zij moest even meelopen naar een kamertje. Daar vertelde een arts haar dat ze hiv-positief is.

Wereld stortte in

quiny 250Die dag lag ik (57), geveld door een heuse griep, met hoge koorts in bed. Ik was ook net aan het opkrabbelen van een burn-out door enorme werkdruk en ingrijpende veranderingen wegens een reorganisatie op mijn werk. Op dat moment belde ze me totaal overstuur op om me dit te vertellen.
Niet alleen haar wereld was ingestort, maar ook die van mij. Ik probeerde niet met verwijten te komen, maar voelde ze wel. Ik hield me in. Probeerde haar te troosten. Ik had haar er zo vaak voor gewaarschuwd. Wat doe je dan als moeder? Ik had al in de jaren 90 een aantal vrienden aan aids verloren. Ik wist natuurlijk dat er nu goede medicijnen zijn en het geen dodelijke ziekte meer is. Maar je eigen kind, met hiv, 28 jaar, dat is toch een ander verhaal.

Ik belde een vriend van me. Hij heeft al in begin jaren 90 hiv opgelopen. Mijn dochter kende hem, en ze wilde wel graag met hem praten. Hij was er heel open over. Hij had net op tijd medicatie gekregen en het ging goed met hem. Hij werkte, vloog naar alle hoeken van de aarde, behalve Amerika, daar kwam je toen nog niet in met hiv. Dus hij was een goed ‘positief’ voorbeeld. Hij ging meteen naar haar toe en dat gaf haar enigszins steun.

Smerig

Ik had het er vreselijk moeilijk mee, vooral pijn en verdriet, werd depressief, maar ik moest sterk voor haar zijn. Het ergste was dat mijn dochter zich ‘smerig’, besmeurd voelde. Ze durfde het aan niemand te vertellen, want zij leefde in een heterowereld met vrienden en vriendinnen waar hiv ogenschijnlijk niet voorkwam. Het was toch een homoziekte! Velen hadden kleine kinderen. Mochten zij van hun ouders nog wel bij haar schoot kruipen? Zij is gek op kinderen en heeft een enorme aantrekkingskracht op hun. Op haar werk durfde ze het al helemaal niet te vertellen.

Het ging vervolgens helemaal niet goed met mij. Ik voelde mij zwaarmoedig. Stond er dag en nacht mee op. Ik kreeg gelukkig veel steun van mijn vrouw, en mijn vrienden. In tegenstelling tot mijn dochter had ik vooral in het begin juist wel behoefte er met mijn vrienden over te praten. In onze vriendenkring heb ik een aantal homomannen en velen waren er ook mee bekend. Het hielp mij bij het verwerken.
Mijn dochter had het daar heel moeilijk mee. Zij wilde liever niet dat ik het met anderen deelde. Het was haar leven. Zij werd er zelfs boos over. Ik probeerde haar uit te leggen dat het voor mij belangrijk was er over te praten. Maar zij schaamde zich.

Schaamte

Hoe kon ik dat gevoel van schaamte bij haar wegnemen? Ik vertelde haar dat het in mijn wereld absoluut geen taboe is. Ik kreeg veel steun. Maar mijn dochter droeg een geheim met zich mee. Vaak was ze heel kribbig en kreeg daardoor ook regelmatig ruzie met haar vrienden. Die begrepen natuurlijk niet wat er met haar aan de hand was. Zij had het moeilijk, maar ik kon haar niet helpen. Ik hoopte zo dat zij er op een dag ook open over zou kunnen zijn. Dat zou het zoveel makkelijker voor haar maken. Maar ze durfde het toen nog niet. Bang voor het stigma. Had ze maar niet onveilig moeten vrijen! Het was tenslotte haar eigen schuld! Dit soort gedachten spookten door haar hoofd.

Ik ben meteen lid geworden van de Hiv Vereniging. Zo bleef ik op de hoogte van de ontwikkelingen op medisch gebied. Las artikelen en interviews van anderen. Soms betrof het een vrouw die op enige wijze geïnfecteerd was. Ik gaf het blad door aan haar, in de hoop dat het zou helpen om te lezen hoe andere vrouwen er mee omgingen. Hoewel de meeste artikelen over (homo)mannen gingen.

Kinderwens

Een van haar grootste zorg was: “Kan ik nog wel kinderen krijgen?”
Mijn dochter loopt in het OLVG en kon ook bij een maatschappelijk werkster terecht. Via hun heeft ze diverse gesprekken gehad met moeders die ondanks hun hiv-infectie toch een gezond kind ter wereld hebben gebracht. Dus ze kreeg hoop.

Na twee jaar werd er al gestart met medicatie. Zij was toen 30 jaar. Gelukkig reageerde ze daar goed op. Al heel snel stegen haar T-cellen en binnen een aanzienlijke tijd was ze ondetecteerbaar. Dus kon ze ook tijdens vrijen het virus niet meer overdragen. Zij hoopte zwanger te raken. Alleen ging het niet goed met haar relatie. Zij hadden vaak ruzie, maar ze durfde er geen eind aan te maken. Ze was bang dat zij met haar ‘bagage’ geen andere vriend meer zou kunnen krijgen. Ze zei; ”Wie wil mij nou nog.”

Zij had ook een schuldgevoel, want hij had haar toch gesteund. Hij was ondanks de uitslag bij haar gebleven. Ik heb geprobeerd dit uit haar hoofd te praten. Uiteindelijk na 6 jaar kwam er een einde aan deze relatie en ontmoette ze vrij snel een fijne vent. Ze waren dol verliefd en voordat ze intiem met hem werd moest ze hem vertellen dat ze hiv heeft. Daar zag ze vreselijk tegen op. Maar toen ze het hem vertelde reageerde hij super lief en stond niets hun verdere relatie nog in de weg. Jammer genoeg is het haar niet gelukt om zwanger te worden. Tot haar 43ste hebben ze van alles geprobeerd, maar tevergeefs.

Verwerken

Mijn proces om het te verwerken heeft zeker 5 jaar geduurd, en ging met vallen en opstaan. Mijn dochter is mijn enige kind en wij zijn heel close. Soms was het te close. Haar verdriet en pijn werd mijn pijn. Ik moest me daar los van maken. Dat was de eerste jaren moeilijk. Maar leven met hiv went ook. En het gaat qua gezondheid verder goed met haar. Dus er kwam wel rust. We hebben er mee leren leven.

Inmiddels, nu 16 jaar verder, kan ook zij er goed mee omgaan. Heeft zij zich erbij neergelegd geen kind(eren) te hebben en ik ben geen oma geworden. Zij heeft het leuk met haar vriend. Doet gezellige dingen samen met hem en met haar vrienden. Inmiddels heeft ze het toch aan de meeste van haar vrienden vertelt. Gelukkig reageerde iedereen positief en begripvol. Ze was elke keer weer verbaasd hoe begripvol men eigenlijk reageert. Ze zijn er inmiddels door het verloop der jaren ook allemaal meer bekend mee geworden. Met mijn dochter gaat goed, de regelmatige controles in het ziekenhuis geven een goed gevoel.

En gelukkig sta ik er nu niet meer mee op en ga er ook niet meer mee naar bed.

Quiny C. de Lara

Deze informatie is nuttig