Orgaan-, weefsel-, stamcel- en bloeddonatie

Sinds 2012 kunnen mensen met hiv zich gewoon registeren als orgaandonor. Ook hebben er orgaandonaties door mensen met hiv bij leven plaatsgevonden. Algemene informatie over orgaan- en weefseldonatie vind je bij de Transplantatiestichting.

In het kort:

  • Mensen met hiv kunnen zich gewoon registreren als orgaandonor
  • Mensen met hiv kunnen zich niet registreren als weefseldonor
  • Mensen met hiv kunnen zich niet registeren als stamceldonor
  • Mensen met hiv kunnen geen bloeddonor worden

Orgaandonatie na overlijden

Je kan je keuze of je wel of geen orgaandonor wil zijn doorgeven via het donorregister. Bij iedereen die orgaandonor is en gaat overlijden (en er de mogelijkheid tot orgaandonatie is), vindt er een medisch onderzoek plaats om te bepalen of iemand geschikt is als orgaandonor. Hierdoor zullen de artsen voordat ze aan de transplantatieprocedure beginnen weten dat je hiv hebt. Dit kan een reden zijn om je orgaan niet te transplanteren, bijvoorbeeld als je viral load heel hoog is.

Maar hiv is niet altijd een belemmering voor orgaandonatie. Soms kiezen artsen er wel voor een orgaan van iemand met hiv te transplanteren. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer het ontvangen van een orgaan van iemand met hiv betere overlevingskansen geeft dan het langer op de wachtlijst blijven staan. Een enkele keer kan een orgaan worden toegewezen aan iemand op de wachtlijst die zelf hiv heeft.

  pdf Hier lees je alles over de nieuwe donorwet die op 1 juli 2020 ingaat (237 KB) . Als je al een keuze hebt gemaakt en je in het register staat verandert er niks. Als je nog niet gekozen hebt, kun je dit doen via het donorregister. Als je geen actie onderneemt word je automatisch geregistreerd als orgaandonor na 1 juli 2020. Dit betekent dat je organen gedoneerd kunnen worden als ze hier geschikt voor zijn en als de nabestaanden geen bezwaar aantekenen. Maar let op: het zou kunnen dat de hiv-status gedeeld wordt met je partner en/of familie na de orgaandonatie. Mocht het zo zijn dat je familie en/of partner na je overlijden absoluut niet achter je hiv-status mogen komen, dan kun je het best voor 1 juli 2020 registreren dat je geen orgaandonor wil zijn.

Orgaandonatie bij leven

Een nier en een stuk lever zijn de enige organen die bij leven gedoneerd kunnen worden. Orgaandonatie bij leven door mensen met hiv komt heel af en toe voor. Voorbeelden hiervan zijn de donatie van een stuk lever van een moeder aan haar baby in Zuid-Afrika. De moeder had hiv en de baby niet, en het lijkt erop dat door het geven van PEP is voorkomen dat de baby hiv heeft gekregen. Ook heeft een vrouw uit de Verenigde Staten een nier gedoneerd aan iemand anders met hiv bij leven. Meer informatie over orgaandonatie bij leven vind je bij de Transplantatiestichting.

Weefseldonatie

De criteria voor weefseldonatie zijn strenger dan voor orgaandonatie. Als je hiv hebt kan het virus in je weefsels zitten. Weefseldonatie is niet mogelijk als je hiv hebt. De reden dat orgaandonatie wel kan en weefseldonatie niet is dat weefseldonatie gericht is op verbetering van kwaliteit van leven, en orgaandonatie levensreddend kan zijn.

Stamceldonatie

Stamceldonatie is niet mogelijk als je hiv hebt. Bij het proces van stamceltransplantatie kan hiv namelijk overgedragen worden van de donor op de ontvanger, ook als de viral load onmeetbaar is. Een potentiële stamceldonor wordt dus gescreend op hiv.

Bloeddonatie

In het verleden hebben mensen hiv gekregen door een bloedtransfusie. Dit kwam onder andere voor bij vrouwen die na een bevalling veel bloed waren verloren, en bij mensen met hemofilie. Mensen met hiv mogen dus geen bloeddonor zijn, ook niet als de viral load onmeetbaar is. Zelfs een klein beetje hiv in het bloed kan ertoe leiden dat de ontvanger van het bloed hiv krijgt. Door de strenge controles van de bloedvoorziening komt het tegenwoordig niet meer voor dat iemand hiv krijgt door bloeddonatie.

Deze informatie is nuttig